Six Word Story

Six Word Story

Six word story. Een hele wereld in zes woorden… 

Er bestaat een fenomeen in schrijversland: de Six Word Story. Een heel verhaal in zes woorden. Ernest Hemingway introduceerde het. Hij noemde dit zijn beste verhaal ooit:For sale. Baby shoes. Never worn. Een hele wereld van verdriet in zes woorden. Schrijvers als Kluun, Herman Koch en Saskia Noort, Ronald Giphart  wagen zich geregeld aan een Six Word Story. Kluun beschrijft het fenomeen als volgt: ‘Het is een soort Sudoku voor schrijvers.’ ‘Schrijven is schrappen’, in zijn meest extreme vorm.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een heel verhaal in zes zinnen… Nu is er een wedstrijd georganiseerd door Ocean, exploitant van buitenreclame. Een Six Word Story wedstrijd met als onderwerp: vakantie. De winnaar krijgt zijn Six Word Story loeigroot gepubliceerd op zo’n billboard. Ik heb er drie ingezonden, zie onderstaand ook.  Welke van de drie vind jij het best? Kijk dan  op sixword.nl, typ mijn naam in en je krijgt ze te zien. Geef alsjeblieft een ‘like’ aan de leukste! Of schijf zelf ook een Six Word Story!

Fijne vakantie! http://www.marijsloothaak.nl

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Op 5 mei denk ik aan mijn grootouders tijdens de hongerwinter in Amsterdam

Op 5 mei denk ik aan mijn grootouders tijdens de hongerwinter in Amsterdam

Mijn grootouders hadden een groothandel in koffie, cacao, suiker en thee in de Amsterdamse Schinkelbuurt. Opa Bart was een rasechte Amsterdammer, oma Martha kwam van Texel. Ze hebben de hongerwinter meegemaakt. Urenlang konden ze vertellen over de oorlog, mijn grootouders. Dan zaten wij, kleinkinderen, op de pakken koffie in het kleine pakhuis. Oh, wat rook het daar lekker.
Dan vertelde mijn grootvader, hoe hij op een fiets met houten banden melk ging halen bij de boeren, in de polder. Hoe hij zich door de barricades van de Duitsers moest liegen. Hoe ze in de ijzig koude hongerwinter ’44 – ’45 houten blokjes onder de tramrails vandaan peuterden om op te stoken in de kachel. Dan vertelde hij over de onderduikers. Hoe het weinige eten over vele mensen moest worden verdeeld. Hoe honger, het overléven, soms oerangsten en oerdriften bij de mens naar boven brengt.
Dan praatte hij over de boot, bij het Centraal Station, die regelmatig een pakket schapenvlees, kaas en aardappels uit Texel bracht. Hoe ze deze kostbare lading dan door de stad naar huis moesten brengen. Met een snik vertelde mijn grootvader hoe ze de hongerige mensen letterlijk van zich af moesten slaan. “Blijf af! Dit eten is van ons…” Mijn moeder sloeg met een stok op de handen van mensen die hun kostbare lading wilden stelen. 14 jaar was ze.
Verbeten zwoegend zetten ze door, naar huis, met het kostbare voedsel. Want thuis, wachtten ook hongerige monden; familie, buren, vrienden, onderduikers… Ze vertelden over de moeders wiens zonen werden opgepakt. Over de Joodse buren die bij de laatste razzia tóch nog werden meegenomen. Over de pop, die mijn moeder meegaf aan het Joodse buurmeisje.
Mijn grootouders hebben het overleefd. Maar de wond bleef. Elk jaar, op 4 mei, herdachten zij degenen die het níet gehaald hebben. Op bevrijdingsdag denk ík aan mijn grootouders. Zij haalden het wél.

Koningin voor één dag…

Koningin voor één dag…

Met Sien van café Rooie Nelis

Met Sien van café Rooie Nelis

Op Koningsdag denk ik nog éven terug aan de dag dat ik voor één dag koningin was. Ja, de look-a-like van koningin Beatrix dan. 🙂

Op een suffe middag in 2013, een beetje rondkijkend op LinkedIn, viel mijn oog opeens op de volgende advertentie: Oproep: Beatrix look-alike gevraagd voor filmpje VARA.
Nu werd ik jaren geleden eens aangesproken op straat door een jongetje van een jaar of acht: ‘Mevrouw, u lijkt een beetje op de koningin.’ Vond ik toen niet zo prettig, nee. Maar nu was ik in een dolle bui en ik besloot een mailtje aan de oproep te wagen. Nog geen 15 minuten later werd ik gebeld.
Of ik de volgende week bij Rooie Nelis in de Amsterdamse Jordaan wilde komen voor de shooting. En of ik misschien zelf mantelpakjes had.
Voordat ik het wist had ik: ‘Ja’, gezegd.

Een week later zat ik met hoog getoupeerd kapsel, blauwe oogschaduw en zwaar geschminkte jukbeenderen aan de toog van Rooie Nelis. Met tante Sien een glaasje Port te drinken, terwijl de camera achter mij draaide.
Daarna naar Hilversum voor opnamen. Dit was het scenario: Het is Beatrix’ laatste werkdag. Weemoedig pakt ze haar spullen in. Haar dossiers. De foto’s van de kleinkinderen. Dan kijkt ze nog één keer haar werkkamer rond… BeabureauEn doet met een ferm gebaar het licht definitief uit. Bea heeft troost nodig! En waar kan ze dat beter vinden dan in de warme koestering van tante Sien van café Rooie Nelis? Heerlijk, een Portje drinken en vooral: zich laven aan de troostende woorden van tante Sien…

Zie onderstaand het filmpje als resultaat.

 

En ik heb er een nieuwe vriendin bij: Sien van café Rooie Nelis! http://caferooienelis.com/

Met Sien aan de toog

Met Sien aan de toog

Ervaringsdeskundige #Coronavirus

Ervaringsdeskundige #Coronavirus

Ik heb Corona gehad. En ben genezen. Als ik terug ga rekenen heb ik het Coronavirus op 3 maart opgelopen. Wist ik veel. Het was nog in de tijd van Rutte’s: ‘Geef elkaar liever geen hand meer. Hoesten in je elleboog.’ We hadden nog geen idéé wat ons allemaal te wachten stond.

Voor mij begon een nare periode van koorts, onwetendheid, de huisarts die me antibiotica voorschreef omdat ik een lichte longontsteking zou hebben, koorts, nog meer koorts, hoesten, nog hogere koorts… En toen op 13 maart een telefoontje van de GGD dat ik in contact was geweest met een Coronapatiënt, en op het Coronavirus getest zou worden. Er werd toen nog getest op Coronacontacten. Op 16 maart hoorde ik dat de test positief was: ik had Corona. En zo was ik, o speling van het lot, één van de eerste 2000 geregistreerde Coronapatiënten in Nederland. Nummer 89 in Amsterdam. Eigenlijk was qua klachten het ergste leed toen al geleden. De koorts was dat weekend al gezakt, en het hoesten werd minder.

Het was ellendig, maar niet het einde van de wereld! Ik ben 62, ik heb wel eens ergere griepverschijnselen gehad. En nu… voel ik me zo gezond als een vis. Niet moe, maar energiek. En… immuun. Hoewel de meningen hier nu weer verdeeld over zijn.

Omdat ik me ongerust maakte over de ontzettend onheilspellende berichtgeving in de media (natuurlijk ook zeker terecht!) heb ik op Facebook een bericht geplaatst: ‘Er is leven na Corona!’ Ik kreeg meer dan 100 reacties van mensen die ik een hart onder de riem heb kunnen steken. ‘Wat ontzettend goed om te horen, dit positieve bericht!’ ‘Zo fijn iets positiefs te lezen, ik heb er veel aan.’ ‘Wat een troostend bericht.’

Dit was precies wat ik wilde bewerkstelligen: een positief, troostend geluid in barre Coronatijden! Dit is ook de reden waarom ik mijn bericht naar de Volkskrant stuurde, inclusief een dwingende vraag over immuniteit en besmettelijkheid.

De brief is geplaatst. Ik hoop dat het positieve, troostende geluid is overgekomen. De vraag over besmettelijkheid is overigens nog niet beantwoord. Zoals er nog zoveel vragen zijn in deze krankzinnige, ongewisse Coronatijden.

In dit alles blijft één ding mijn credo: LAAT JE NIET DOOR ANGST REGEREN. Loop niet met je schouders opgetrokken van de stress. Ga niet doemdenken en laat je niet gek maken door de overload aan Coronanieuws. Houd vol! Angst werkt verlammend. Wees voorzichtig, neem alle maatregelen van de overheid in acht, wees verstandig! Maar bedenk: er is echt ook leven na Corona! Ik ben the living proof… 

Marij Sloothaak